maandag 25 mei 2026

Buiten

Het is nog donker, maar in het oosten begint de hemel al iets te ademen. Een dunne streep licht schuift over de horizon.

 Een Merel zingt. De stem van de Roodborst voegt zich bij hem, twee stemmen die de dag open zingen.  Straks, als het lezen en schrijven in dit dagboek is gedaan, wil ik met de hond naar buiten. Het licht tegemoet. Een gewoonte die ik van eerdere lentes en zomers heb geleerd te doen, want in het frisse van een nieuwe dag zingen de vogels het mooist. Daar wil ik graag bij zijn. 

Bij zonsopkomst lijkt de lucht vol goden en legenden. Het voelt dan om getuige te zijn van de geboorte van de wereld, het opstaan van een nieuwe dag. Alles is nog vloeibaar. Wie het aanbreken van de dag ziet, ziet hoe het leven zich ontvouwt. 

Ik merk dat mijn lichaam al vooruit wil, om op te staan uit mijn stoel, naar buiten gaan. De nieuwe dag in haar ontstaan mee te maken in dit vroege uur, als toeschouwer en deelnemer tegelijk.  Door het portaal te gaan. Dat toegang geeft tot nieuwe mogelijkheden en rijkdommen van het leven.

“Wees als de ochtendzon, laat hem zonder ophouden opkomen in jezelf als een verhelderend weldadig licht”. Lees ik nog in mijn boekje. Het nodigt me uit… 

Ik blaas de kaarsen uit. 

Trek mijn schoenen en mijn jas aan, roep de hond en we gaan naar buiten. Het licht tegemoet.   

donderdag 21 mei 2026

Taal

Een mot tikt buiten tegen het raam. Aangetrokken door het licht van hierbinnen. Zoals de mot het licht zoekt, zoek ik naar woorden. Woorden komen traag. Ze moeten door lagen heen, door de adem van stilte. Door de dunne huid tussen binnen en buiten en door de sluiers van gedachten opzij te schuiven. Ik probeer woorden te vinden die ik opdoe in wat ik lees. Wat ik wil zeggen houdt zich verborgen tussen de regels, dat stille gebied waar betekenis niet wordt uitgesproken. Waar taal nog geen vorm heeft,

Mijn pen weigert. De inkt is op. Verteld het mij dat ik eerst moet luisteren voordat ik verder schrijf?  Luister eerst, om de taal ruimte te geven te ontstaan. Engelen gebruiken niet alleen woorden, maar beroeren ook de snaren van je gevoel. Om te voelen wat gezegd wordt in het zwijgen.

Ik vervang de stift uit de pen, vol met nieuwe inkt.

 De inkt zijn niet de woorden, maar het voertuig. Schrijven is een ritueel: de beweging van de hand naar het papier. Mijn blik valt op de schaduw van mijn hand op het papier, wat me aan mijn lichaamstaal herinnert. De manier waarop mijn vingers aarzelen, hoe mijn adem even stokt voordat ik een zin begin, met de nieuwe inkt, uit een oude pen.

Dieren spreken een andere taal en de planten zonder stem, de wind in toonaarden van fluistert naar bulderend. Alles heeft zijn eigen woordenschat:  geur, kleur beweging en trilling. Een taal die niet gehoord hoeft te worden om te verstaan.

Ik probeer mij ervoor open te stellen; om te ontvangen. Te voelen wat er gezegd wordt in het zwijgen. Het tikken van de mot tegen het glas, de adem van de nacht om het huis. In de beweging van mijn hand die met de pen woorden geboren laat worden. Misschien is het niet in de woorden zelf, maar het open staan voor wat spreekt.

 

woensdag 20 mei 2026

Tijd

De tijd stroomt als bloed door de aderen, om voeding te geven aan het leven zelf.

Adem dat door de longen reist,  kloppen van het hart, gedachten in het hoofd. Het ritme van wat was en het spoor waar ik ben geweest.

Het spoor leidt door de nacht, het oord van gedroomde dromen. De droom waar ik de acteur ben van mijzelf, of zijn het de goden die in mijn droom dromen dat zij mens zijn en hun zwakheden uitleven? 

Ik vind het moeilijk te begrijpen om met mijn  innerlijk vermogen dat te kunnen doorzien. Het is nog zo weinig ontwikkeld dat ik de helderheid van sommige openbaringen aanzie, alsof het duisternis  is.

Mijn smaak en mijn voorkeuren zijn bepalend voor wie ik ben en hoe de tijd mij ruimte geeft om dat te ervaren.

Proef het leven, en door te proeven leer ik mijn smaak kennen, en de herinnering eraan doet verlangen naar het volgende moment.  Om dat wat je als smaak hebt ontwikkeld weer eens te proeven.

 

maandag 18 mei 2026

Vleugels

Er valt een stilte. Soms lees ik een zin en weet niet wat ik eruit moet verstaan. Is het deze stilte die ruimte maakt? Ruimte voor wat eerder overstemd werd, zoals lawaai het zachte onhoorbaar maakt?

Lezen doe ik in stilte. Soms stop ik even, fluister de zin opnieuw. Door mijn stem te horen, benadruk ik wat ik zojuist las. De trilling van mijn stem beroerd de ether en door die trilling verschijnen beelden; visioenen en taferelen uit de geschiedenis van de geest. Beloften van toekomstige scheppingen. Woorden waaruit nieuwe woorden, gedachten waaruit nieuwe gedachten ontstaan.

De geest wil leren vliegen. Jonge vogels op het nest, oefenen hun vleugels. Ze zien bij de oudervogel dat het voor hen ook mogelijk is te vliegen. Zo werkt het ook met de geest, het leert door voorbeeld.

Om te vliegen is de vogel uitgerust met veren, vederlichte veren, die het gewicht van de vogel in de vleugelslag kan tillen. Niet alleen om zich voort te bewegen, maar in de lucht in meerdere dimensies zich te begeven, hoog en laag, wendbaar en snel. Het kleinste vogeltje kan het luchtruim kiezen, als ook de zwevende arend die hoog cirkelt in de lucht. 

Laat mijn geest de veren aangroeien. Te leren vliegen als een vogel, te leren zweven als een arend. Want  op de hoogte van innerlijke stilte, kan ik, net zoals een biddende Torenvalk, zowel het geheel overzien als het kleinste detail waarnemen.

Een stilte wordt een uitkijkpunt. Een plek waar uitzicht tot inzicht komt, dat wacht om gezien te worden.

 

donderdag 14 mei 2026

Boeken

 Boeken hebben een lading die mij kan overkomen. Nog voor ik het boek open, raakt het iets in mij. Een geur, een trilling van de omslag, een stille lokroep. Een nieuw boek ruikt naar begin, een oud boek naar de schaduwen van het verleden.

 De letters zijn hetzelfde, dezelfde vormen in velerlei combinaties. Het opent  werelden die in mij een bestaan vinden. Letters liggen als zaden in het donker. Engelen in rust. Hun vleugelen gevouwen rondom de woorden, wachten tussen de bladzijden tot ik ze aanraak en tot leven lees.   

Een boek kan jaren zwijgen in een kast. Enkel is de rug met titel zichtbaar. Sommige boeken roepen je nooit. Er zijn er die je beter niet kan binnenlaten. Niet elk boek is voor mij. Niet elk boek mag in mijn binnenste landen.  Woorden kunnen helen. Woorden kunnen misleiden. Het verschil is dun.

Een boek vraagt tijd, mijn innerlijke tijd. Ik moet er rijp voor zijn. De energie van een boek zoekt de mijne en pas dan kan het verhaal beginnen.

 Een boek bezit je niet, je leent het van de schrijver. Het kan mij raken, zoals ik een vogel hoor zingen; het lied is niet van mij. En de vogel evenmin. Maar het opent iets in mij. Ja, boeken zijn als vogels, ik sta erbij stil om te luisteren of ik loop eraan voorbij.

Soms, onverwacht ontmoet ik een boek dat mij kiest. Het opent iets dat ik al lang verlangde, dat ik nog niet eerder had gevoeld. Alsof iets wist dat onze wegen zouden samenkomen.  

 

maandag 20 april 2026

De nabijheid van het licht

 Sluit je ogen een moment. Niet om de wereld buiten te sluiten, maar om de fijnste laag van de wereld binnen te laten.

Er is een stilte die niet van jou is, maar die zich graag met jou verbindt. Een stilte die ademt als licht.

In die stilte beweegt iets. Zacht wiegend. Als een veer die niet valt maar gedragen wordt. Een aanwezigheid die niets vraagt en toch alles opent.

Noem het een engel, noem het stilte. Het is het deel van jou dat al eeuwen weet hoe te luisteren.

Het komt niet naar je toe; het is er al. Jij bent degene die nadert. Je hoeft niets te openen. Het licht vindt zelf waar het naar binnen kan.

Je wordt lichter in het kleinste gebaar, alsof iemand een mantel om je heen legt die je niet hoeft te dragen, maar die jou draagt.

Er is geen boodschap, geen opdracht, geen grootse openbaring. Alleen een zachte richting: wees licht in wat je doet, en doe het bedachtzaam.

De engel werkt niet per se door woorden, maar door jouw gebaren, jouw adem, jouw bereidheid om vriendelijk te zijn.

En terwijl je zo zit, merk je dat de grens tussen jou en die stille aanwezigheid dunner wordt. Alsof jullie elkaar herkennen van vóór dit leven.

Blijf daar even. In dat dunne, lichte veld waar niets hoeft en alles mogelijk is.

Wanneer je straks je ogen opent, gaat de engel niet weg. Je neemt hem mee in de manier waarop je straks je kopje optilt, een deur opent, een naam uitspreekt.

Het licht reist verder in jouw kleine daden. Dat is de hele kunst. En het hele wonder. Dan begint de nabijheid opnieuw.

 

maandag 23 maart 2026

Verliefd

Mooi zijn, een mooi mens zijn, als dat over je gezegd wordt is dat een compliment.

De bloem is mooi. Door de bloem wordt de plant gekend. De knop opent zich, zonder dat daar gereedschap voor nodig is. 
In het scheppingspatroon dat zich al zo vaak herhaald heeft, dat de plant het blindelings doet. De bloem is een moment waarop ze haar energie toont. Een tuinman kiest de plant om  haar bloemen, terwijl de bloem slechts een ademtocht van de plant is.

Zo ook het mooi zijn.

Jij bent  mooi in je vriendelijkheid, wanneer je glimlacht, die al gevoeld wordt voor het verschijnt, wanneer het licht in je opgloeit. Het is als de bloem die openbarst en het moment verandert door haar schoonheid.

Schoonheid  maakt schaduwen zichtbaar.
Lelijkheid is schoonheid die te weinig liefde kreeg.  

Schoonheid vraagt mij de breuken en de barsten aan te raken, niet weg te kijken bij wat scheef is, maar het bestaan ervan te zien. Om in de diepte van de lelijkheid te speuren naar wat er ooit mooi was. Wat is lelijkheid anders dan schoonheid die vergeten is wat het was en bedolven is geraakt onder het puin van het leven?

Schoonheid is jezelf in alles te zien, naar een bloem te kijken tot je erin verdwijnt, tot het vuur ook in jou brandt. Dat vuur dat het hart harder laat kloppen, je helpt je kracht de wereld in te dragen. Het vuur dat ons beweegt om de wereld een betere plek te maken.

Het verblindende en verbindende wat van ons soms onverwacht tot een mooi mens maakt.

Het zit in een bloem, een vogel of een vergezicht.
 Het zit in ons.
                                                           
                            Zo kijk je als je verliefd bent op het leven.