zaterdag 15 april 2017

Boos

We, ach laat ik het bij mezelf houden, ik ben vaak boos. Boos op het verkeer, het weer, de politiek, de jagers, de militairen, de bio-industrie, de vervuiling, religie, voetbalsupporters,  voornamelijk dingen die buiten mij zijn, waar ik naar kan wijzen. Ik las eens dat boos zijn het vergif is dat jezelf drinkt en verwacht dat de ander er aan dood gaat. Klagen over de ander is als slechte adem, je ruikt het bij een ander, maar niet bij jezelf. De grootste frustratie wanneer je boos bent, is dat je omgeving het helemaal niet zo ziet en zelfs partij kiest voor datgeen waarover ik me zo boos maak. Het idee dat ik het mis zou kunnen hebben komt op zo’n moment helemaal niet bij me op. Ook al heb je gelijk, door zo boos te zijn win je niemand voor je argumenten. Jammer genoeg zie ik het wel dat anderen het lukt, zo hebben we iemand in de regering die altijd maar boos is en de meest onvriendelijke en vaak gemene dingen zegt. Bij de laatste verkiezingen heeft hij de meeste zetels er bij gekregen. Maar er is niemand van de andere partijen die met hem wil regeren. In Amerika is iemand president geworden door vooral op alles en iedereen boos te zijn. Militairen werden getraind door in hun oren te schreeuwen, hoe slecht die spleetogen wel zijn en met een vertrokken gezicht  schreeuwt de commandant dit zijn rekruten in het gezicht. Boosheid werkt als je eraan mee werkt. Boosheid is misschien synoniem aan klagen en ' complaning is praying to the devil'. Het Bijbelse verhaal liet het volk Israël 40 jaar dwalen in de woestijn nadat ze steen en been hadden geklaagd. Het vreemde is dat er heden ten dage er een muur met die reputatie in Israël staat. Dat kleine stukje overblijfsel van wat eens een tempel was, heet nu een Klaagmuur. Het is een centrum geworden van de joodse beleving en een religieuze attractie.

Het beeld van God is ook te vatten in boosheid. Hij lijkt zich daar voornamelijk mee bezig te houden, vaak omschreven als de toorn van God. Uit die toorn komen veelal vervloekingen voort, waar menig ramp uit werd verklaard. Het beloofd niet veel goeds als God boos is en zijn afkeer voor zonden is redenen geweest voor een zware overstroming, droogte, oorlogen, ballingschap en direct in het begin al, verdrijving uit het paradijs. In dat grote doolhof van vaak vastlopende paden om aan de bedoelingen van God tegemoet te kunnen komen, zijn we meermalen verdwaald. Misschien zijn we gaan denken dat het om het doolhof gaat en missen het idee dat een doolhof een spel is om er juist uit te komen. In de wirwar van paden de juiste weg te vinden. Dan zijn klagen en boosheid daarin misschien niet de juiste gidsen.


 Er is een proef gedaan met muizen in een doolhof. Ergens in het doolhof lagen een paar nootjes. De muis liep het doolhof in, in het donker, en wist in een paar minuten de plek te vinden waar die nootjes lagen. De volgende keer kwam de muis voor een nieuwe voorraad nootjes het doolhof binnen en liep rechtstreeks naar de plek, in een paar seconde. Bij verandering van de plek waar de nootjes neergelegd werden, deed hij er eerst weer een paar minuten over om het te vinden, om de volgende keer er weer rechtstreeks naar toe te lopen. Muizen hebben een geheimpje, dat overal waar ze komen leggen ze door middel van een druppeltje urine een geurspoor, dat de volgende keer gevolg kan worden naar hun doel. Telkens werd de situatie in het doolhof veranderd en telkens paste de muis zich weer aan. De les van de muis is om ons spoor ook te markeren en onze weg in het doolhof van onze emoties en gevoelens te vinden, om zowel de signalen van de positieve als de negatieve te onderscheiden en zien wat werkt om ons bij de nootjes te krijgen… en daarna weer het doolhof uit. De muis kon het in het pikkedonker en gebruikmakend van een ander zintuig, zijn neus. Misschien is er voor ons ook een andere “zintuig” nodig om ons een weg door het doolhof te vinden, misschien is hoop het zintuig om je een weg te zoeken door de wirwar van paden.  Hoop is de vreugde die je ervaart door de verwachting dat de toekomst positief zal uitvallen, wie hoopt richt zich op iets dat op het punt staat waar te worden. Zo keer je af van je klaagmuur  en leg een weg aan van hoop. Een liedje van Acda en de Munnick zegt: "Vandaag ben ik gaan lopen, waar ik loop is van nu af aan een weg". Dat is het, breek die muur af en bouw er een weg mee. 

Geen opmerkingen:

Een reactie posten