maandag 16 februari 2026

Hoogte en diepte

Voel de diepte in mezelf, een diepte die tegelijk een hoogte is. Mijn lichaam reageert als ik aan de rand sta, een huivering van hoogtevrees. Geest en lichaam houden elkaar vast. Een vrees die ik met mijn lichaam voel, waar lichaam en geest elkaar raken op de plek waar ik kijk.

 Het voelt als een druppel die valt en uiteen spat, verdampt en weer opstijgt, een kringloop die door mij heen beweegt.  In mijn adem leeft de levensadem van alle tijden, ouder dan ik ben. Het instrument dat mij bruikbaar maakt voor het leven.
In elke hartslag waarin de echo klinkt: je leeft, je draagt iets groters met je mee. Iets wat ik nog niet helemaal bevatten kan. Ik deins terug voor wat te groot, te hoog, te diep lijkt, maar keer ernaar terug, want zonder kan ik niet leven.

 Het is de essentie van alles, alles wat adem heeft, verbindt zich in deze gedachte. De ruimte in mij is hoog en diep tegelijk. Zoals de Aarde haar laagste punt in de zee bewaart en haar hoogste op het land. De diepte en de hoogte in mij is de ruimte die zich vult met mij. Daartussen beweegt alles wat ik ben. Kan ik dieper reiken en hoger gaan?

 Het klinkt als wartaal zo de woorden te formuleren, met de pen op het papier ze te laten ontstaan? Het maant me tot geduld het aan te durven. Wees geduldig om het aan te durven, voor de vrees die ik heb voor diepten en hoogtes.  
Ik fluister: O engel, leen me je vleugels.

  

Geen opmerkingen:

Een reactie posten